|
De verklaring van Schrijver, die volledig is bevestigd door generaal Allard, heeft onder meer oud-kampbewoner Abraham Mol (86) uit Scheveningen onthutst. De voormalige ambtenaar van Rijkswaterstaat en toenmalige verpleger in kamp Westerbork vertelt een ander verhaal over de bevrijding van het Drentse doorgangskamp van waaruit Nederlandse Joden naar de vernietigingskampen werden gezonden.
Toen de geallieerden optrokken naar het noorden, knepen op 10 april 1945 de kampcommandant en zijn SS-bewakingseenheid er tussenuit. Mol: "ze hingen voor de laatste gevangenen plakkaten op waarop stond dat het kamp werd overgedragen aan het Rode Kruis en dat we onze jodensterren af konden doen. Bovendien werd geadviseerd in de barakken te blijven, aangezien het kamp in de frontlinie kwam te liggen."
Volgens zowel Mol als Schrijver en ook andere oud kampgevangenen vreesden de achterblijvers in de ongewisse tijd die volgde de terugtrekkende Duitsers nog steeds het meest. "We waren bang dat ze het kamp alsnog met de grond gelijk zouden maken. Anderen vermoedden dat ze in hinderlaag lagen rond het kamp om iedereen neer te schieten die naar buiten kwam," herinnert Mol zich.
Op de 12e april hoorde Mol tot zijn opluchting dat de Canadezen waren gevorderd tot het drie kilometer zuidelijke gelegen Oranjekanaal. Mol: "Ik ging ze samen met wat andere kampbewoners tegemoet. En wat ons opviel: de Canadese soldaten die wij ontmoetten wisten helemaal niet dat het kamp bestond. Wij moesten ze de weg wijzen, waarna ze met hun tanks optrokken." Het verhaal van Schrijver kan wat hem (Ed.: bedoeld wordt 'Mol') betreft dan ook niet waar zijn.
Graag via email de Site vermelden waarover u een vraag, opmerking, verbetering of een eventuele bijdrage wilt plaatsen. U kunt zich richten tot zowel de schrijver Hans Vanderwerff als de Webmaster Sion Soeters Verantwoording: Nederlandse vertaling bewerkt door: Gerrit de Jong
Het laatst gewijzigd op 10 december 2007
Van de volgende Bronnen werd gebruik gemaakt
 |
|